Archive for Community

Daar bij de waterkant

Fantastisch stukje op de site van movisie over de verbindende kracht van muziek. Fort van de Verbeelding zet zogeheten Grijze Koppen Orkesten op, waarbij ouderen in zorgcentra samen muziek leren maken, dat het hun lieve lust is. Het gezelschap onder leiding van Peter de Boer en Judith Lodewijks brengt ouderen op een laagdrempelige manier tot zingen. ‘Mensen die komen kijken weten vaak niet wat ze meemaken.’

Veel effectiever dan pillen!

Stichting De Brouwerij in Amsterdam

Stichting De Brouwerij is een initiatief van medewerkers van Centrum de Brouwerij.
Zij zetten zich in om kwetsbare Amsterdammers met een gevoeligheid voor psychose, deel uit te laten maken van een gemeenschap waarbij het talent en de mogelijkheden van de deelnemers zoveel mogelijk benut kunnen worden. In het hart van Amsterdam bevindt zich een kleinschalig psychiatrisch centrum. Behandelplek, huiskamer en werkruimte ineen. Hier kunnen cliënten terecht met psychotische of aanverwante klachten, zoals gedachtenbeïnvloeding, bijzondere ervaringen of psychotische stress.Van koken tot muziek maken, van elkaar ondersteunen tot administratieve hulp. Met deze geheel nieuwe aanpak doorbreekt De Brouwerij het sociale isolement, waarin mensen met een gevoeligheid voor psychose verkeren.

 Naast de activiteiten in de kalender is er iedere dag tussen 12:00 en 13:15 uur een lunch voor leden, hulpverleners, vrijwilligers en familieleden.  Op maandag en donderdag is er rond 18.00 uur een ledendiner. Iedere 3 weken is er ‘buurtrestaurant’, waarbij plaats is voor zo’n dertig eters.

De uitgangspunten van Centrum de Brouwerij klinken simpel, maar zijn in de geestelijke gezondheidszorg tamelijk uniek: echt luisteren, bouwen aan vertrouwen, optimisme, kameraadschap, het verminderen van stress en het doorbreken van eenzaamheid. Kleinschaligheid, ambachtelijkheid en psychiatrische expertise gaan hand in hand. Het centrum biedt meer dan een psychiatrische behandeling. De meeste cliënten hebben behoefte aan ondersteuning in praktische zaken en knappen zienderogen op van sociale contacten, werk en scholing. Ze gebruiken aantoonbaar minder medicatie en het aantal opnames loopt terug”.

“Een belangrijk ankerpunt voor de behandelaars is de methode van Verbindende Gesprekstechniek, ontwikkeld door psychiater Jules Tielens. Kernbegrippen zijn: vertrouwen opbouwen, herstellen van relaties en een vriendschappelijke band tussen behandelaar en cliënt. De praktijk van de Verbindende Gesprekstechniek heeft Jules Tielens beschreven in een praktisch handboek: ‘In gesprek met psychose’ (2012)”.

This too shall pass; de kracht van verhalen vertellen

4 september openden we de eerste cel van de oncowand. De komende drie maanden staat deze luistersculptuur in Centrum OOK (Optimale Ondersteuning bij Kanker) in Rotterdam. In de cel kunnen bezoekers luisteren naar sleutelverhalen van mensen met (ooit) kanker.Eerste cel van de oncowand

Na de toelichting op het concept van Studio Airport, Stefan Hengst en de architect Jacco van Wengerden was het woord aan Annet Scheringa van StoryConnection. “Ik ben hier voor Ernst”, zei ze, “de vriend die iedereen graag zou willen hebben.” 4 jaar geleden kreeg Ernst te horen dat hij kanker had en ondanks de ontsteltenis was de tumor goed behandelbaar. We pakten ons leven langzaam weer op tot hij tegen me zei dat de tumor toch weer aan het groeien was. Hij is zo vertelt Annet, vechtend weggegaan in de beleving dat zijn leven onaf was. Hoe zou het zijn geweest als de oncowand er was geweest? “Ik zie hem zitten, luisterend naar anderen, en daardoor meer betekenis kunnen geven aan zijn eigen ziekteproces”.  We vertellen ons verhaal omdat we dat nodig hebben. We hebben het nodig omdat we willen begrijpen en betekenis willen geven. Als je luistert naar de sleutelverhalen van oncowand dan begrijp je dat het inzichten zijn waar je niet “zomaar” op komt. Neem nu sleutelverhaal 3. De vrouw is zo ziek dat ze geen muziek kan horen en wat doet haar weerbare brein? Die laat haar van binnenuit een muziekje horen: ‘This too shall pass” van India Arie.

 

Then I hear the whisper that this too shall pass
I hear the Angels whisper that this too shall pass
My ancestors whisper that this day will one day be the past
So I walk in faith that this too shall passAll of sudden I realize
That it only hurts worse to fight it
So I embrace my shadow
And hold on to the morning lightThis Too Shall Pass
This Too Shall Pass
This Too Shall Pass
This Too Shall Pass
This Too Shall Pass
This Too Shall Pass
I hear the angels whisper
that trouble don’t have to last always
I hear the angels whisper
Even the day after tomorrow will one day be yesterday.
I hear my angels whisper.
I hear my angels whisper.
This too shall pass.

Het lijf laat je volkomen in de steek en dan komt het…..Iemand uit het publiek vertelt over haar borstkanker. Van buitenaf zegt iedereen “oh wat erg” maar het heeft meerdere lagen, mooie momenten. De verhalen vertellen dat je een oplossing kunt vinden; dat er een ander perspectief is op ziekte en gezondheid; de verhalen geven je optimisme en kracht. Geven, delen van het verhaal geeft betekenis aan zowel de verteller als de luisteraar. Misschien…. misschien had het Ernst geholpen.

Stemmen en likes

Ik krijg een berichtje op facebook (via de chatfunctie) van iemand waarmee ik vroeger salsamuziek speelde. Of ik wil stemmen op haar muziek. Natuurlijk wil ik dat. Zij is een goede muzikante en ik wil niets liever dan mensen die ik ken en goed vind meer kansen te geven.

Tegelijkertijd doet het me beseffen dat  de toekomst er steeds vaker een wordt van meer vrienden verzamelen, netwerk activeren, promoten (steeds nabijer) en voten wordt. Het geeft weliswaar kansen maar het is ook eenzijdig en vermoeiend.

Vrijwilligerswerk bij Smithsonian

Mijn oog viel deze morgen op een artikel in the New York Times- Artsbeat: ‘Smithsonian Turning to the Public to Help Transcibe Documents’. Ze hebben een online transcription center geopend waarbij het publiek om hulp wordt gevraagd bij het ontcijferen van duizenden gedigitaliseerde documenten die niet makkelijk door een computer kunnen worden gelezen. En ze melden zich aan die vrijwilligers, met honderden. Het Smithsonian Institute is wereld’s grootste museum en onderzoekscomplex. Een blik op hun vrijwilligerspagina waar ze de soorten werkzaamheden verdelen in microscoop, telescoop and caleidoscoop, laat zien hoeveel werk door vrijwilligers wordt gedaan. Het herinnerde me aan het verhaal van Jarnon Lanier waar ik over blogde op mijn site: ‘Amazon, Lanier en het einde van de boekenbusiness’. Is dit werk of vrijwilligerswerk? Is goed vastgelegd dat het werk gedaan door duizenden vrijwilligers ook vrij toegankelijk blijft voor het publiek. Gaan er straks niet weer enkelen profiteren van dit vele werk?

User:Noclip – Wikipedia:Image:Smithsonian_Building.jpg – released to public domain

Vrijwilligers disruptie en tegenprestatie

De discussies laaien ook vandaag weer op. De aanleiding in dit geval de vakbonden die balen. De kop in NRC: 

“Vakbond baalt van opmars vrijwillige buschauffeurs

Ik volgde de discussie op radio 1 vanochtend. De interviewer riep op een gegeven moment vertwijfeld: “ja maar de lijn is toch onrendabel?” En daarmee kom je natuurlijk in het hart van de discussie.

1. Van welke diensten vinden we met z’n allen dat ze rendabel moeten zijn; van welke dat ze onrendabel mogen zijn? Waarom zouden we bijvoorbeeld nog steeds- verhoudingsgewijs goed betaalde ambtenaren hebben in gesubsidieerde gebouwen- voor publieksdiensten voor de parkeervergunningen, de paspoorten, het verstrekken en controleren van uitkeringen. Ziekenhuizen, maatschappelijk werk, jeugdzorg?

2. En meer discussies die allemaal met elkaar te maken: het ontslag van veel verzorgenden bij thuiszorg, de concurrentie van bijvoorbeeld Uber en Air-BNB, die goedkoop kunnen werken en particulieren inschakelen.

3. De discussies over de verplichte tegenprestaties, de ‘ontvrijwilliging’ van vrijwilligerswerk. Want is niet alle gesubsidieerde arbeid dan een tegenprestatie? (basisinkomen?!). Talloze onderscheiden die gemaakt worden: formeel en informeel vrijwilligerswerk, verplicht en vrijwillig vrijwilligerswerk, arbeid en vrijwilligerswerk, mantelzorg(verplichting) en is het opvoeden van kinderen dan ook een tegenprestatie? De discussies over vrijwilligerswerk in de WW. Het hele systeem overigens dat nog gebaseerd is op een oudere tijd.

4. De discussies over de verspilling van 6,3 miljard in arbeidsbemiddeling zoals haarfijn beschreven door Rutger Bregman in de Correspondent:’ het failliet van de Nederlandse werklozenindustrie‘.

5. En wat te doen met de oudere werkloze (55plus) die nog 12 jaar moet werken en het groeiend leger van actieve, vitale 65/66 plussers die leven in een tijd waarin we technisch inmiddels 120 kunnen worden? En wat te doen met de onervaren jongeren die niet aan de slag komen, regulier werk als stagiaire moeten doen (en niet één keer). 

Natuurlijk het komt goed maar we zitten wel in een vreemde tussentijd.

Krijgerschap van de menselijke geest

Ze is 72 en nog steeds een van de invloedrijkste organisatie-, leiderschap- en managementdenkers ter wereld. Zo was ze pas nog te gast op de Nyenrode Business UniversiteitMargaret Wheatley is al langer een van mijn heldinnen door haar vernieuwende wijze van kijken naar organisaties, mensen en leiderschap. Lang voordat die vernieuwing het uithangbord, en vaak niet meer dan dat, zou worden van iedere zichzelf respecterende organisatie. Ze wilde verder kijken dan de Westerse mechanische blik op de wereld. Ze bestudeerde levende systemen en paste ze toe op organisaties en communities. Ze is een integraal multidisciplinair denkster en ze werd leerling van Pema Chödrön om in deze wereld te kunnen zijn en haar hart toe te staan steeds opnieuw te breken (interview 2012). Pas kreeg ik haar laatste boekje in handen: ‘Ver van huis; nieuwe moed in deze dwaze wereld‘.

Ik las het in een adem uit en het is nu waar ik naar grijp als mijn vertrouwen wankelt. Het boek is geboren uit haar klaarheid dat “hebzucht, eigenbelang en dwingelandij de levenskracht van deze planeet vernietigen”. Ver van huis; ver van verbinding met onszelf en met elkaar; ver van ecologisch evenwicht; een wereld die niemand heeft gewild. Dromen en hoop over het redden van de wereld is nog steeds verleidelijk maar gebaseerd op verkeerde aannames- bijvoorbeeld dat leiders geïnteresseerd zijn in ‘wat werkt’. “Zelfs in goede tijden worden pioniers en hun succesvolle vernieuwende projectenstelselmatig genegeerd, verloochend of weggehoond. En dat geldt eens te meer voor deze duistere tijd” (ver van huis, Wheatley). In plaats van ‘redders van de wereld’ te blijven nodigt ze ons uit tot een nieuw perspectief: ‘krijgers van de menselijke geest’. Zoals de Shambhala-krijgers uit het boeddhisme, slechts bewapend met compassie en inzicht. Alleen hiermee en op zoek naar zachtheid, fatsoen en verbinding met elkaar en met jezelf, houden we het vol – en deze levenshouding zal bijdragen aan het proces van continue emergentie en de wereld van binnenuit helen.Ik zou er bijna een manifest van willen maken. Eis de rol van krijger van de menselijke geest op door de moed te hebben de wereld in haar hardheid te accepteren; niet te vluchten én er iedere dag opnieuw voor te kiezen niet bij te dragen aan vernauwing, dwang en controle, angst en agressie. Zoals de Shambhala-krijgers uit het Tibetaanse boeddhisme gewapend met niets anders dan compassie en inzicht. Alleen hiermee en op zoek naar zachtheid, fatsoen en verbinding kunnen we volhouden en van binnenuit helen.

 

 

Op zoek naar community deel 2

http://www.ubuntu-nl.nl/wat-is-ubuntu

Het woord community is afgeleid van het Latijnse woord “communitas”[1].En het heeft grofweg twee betekenissen:

  1. De ongestructureerde gemeenschap waarin mensen gelijkwaardig zijn (vergelijk house of “commons”).
  2. De “spirit” of de geest van gemeenschap of community: sociaal samenzijn,  ergens thuis zijn, solidariteit en vertrouwen.

In alle bestudeerde literatuur, zowel de wetenschappelijke als de populaire, komen de volgende punten naar voren als essentieel voor het begrip community.

1. Het allerbelangrijkste: het idee en gevoel ergens bij te horen (Sense of belonging). Leden krijgen een gevoel dat de community een plek is waar ze thuishoren; waar ze zich thuis voelen.

2. Reciprociteit (wederkerigheid). Reciprociteit is een sociaal verschijnsel waarin één organisme (bijvoorbeeld een mens) bereid is een ander een dienst te verlenen wanneer het organisme weet dat het hiervoor op een later tijdstip een wederdienst kan verwachten, of op dat moment zelf die wederdienst bewijst. Mensen kunnen hulp en ondersteuning krijgen en hulp en ondersteuning geven. 

http://www.travelnext.nl/tag/cialdini

3. Communities gaan over mensen, meer in het bijzonder over de kwaliteit van de relaties tussen mensen. Wanneer mensen gevraagd wordt naar de meest belangrijke aspecten van community dan noemen ze relaties en sociale netwerken. Voor de meeste van ons is het diepste gevoel van ‘belonging’ verbonden met intieme sociale netwerken: familie en vrienden. Daarna komen werk, de kerk, de buurt, het publieke leven en een groot arsenaal van andere, minder sterke banden (weak ties). De kwaliteiten die daaraan worden toegekend zijn die van tolerantie, nieuwsgierigheid, respect, bereidheid om te luisteren en vertrouwen. Vertrouwen gedefinieerd als de zekere verwachting dat mensen op een consistente, eerlijke en gepaste manier zullen handelen. Sociaal vertrouwen (social trust) – vertrouwen in andere mensen- stelt mensen in staat om samen te werken en samen te ontwikkelen.

4. Communities construeren identiteit. Henk Oosterling in “Woorden als daden” beschrijft dit mooi. Foucault laat zien hoe relationele focus zelfbewustzijn produceert. Door zich met hun netwerken te vereenzelvigen internaliseren individuen samenhang. Ze horen bij een groep. Ze zijn de groep. Ze herkennen, erkennen en kennen, doorzien, bezien, overzien, wat zij zijn in deze reflecties. “Hun identiteit wordt niet ont-dekt alsof deze al ready made lag te wachten. Hun identiteit wordt geproduceerd en uitgevonden in de samenwerking. Op de vraag: wie ben jij? luidt het antwoord: dit zijn wij. Ieder individu, stellen Deleuze en Guattari, begint daarom als groep. Identiteit, stelt Foucault, is voor alles een discours”.

http://www.pbs.org/wnet/need-to-know/tag/evolution/

5. Transcendentie. Deel uitmaken van iets groter dan jijzelf. Weten dat je participeert in een groep die grotere kracht heeft dan jij alleen zou hebben.

6. Exploratie. Communities geven leden de kans om zaken samen te exploreren die ze alleen minder goed zouden kunnen onderzoeken. Nieuwe ideeën, bronnen en ervaringen worden gedeeld en bediscussieerd, hetgeen kan leiden tot versnelde innovatie.

 

Op zoek naar community deel 1

Het laatste half jaar heb ik me verdiept in community en communitymanagement. Ik was het eens met Anand Giridharadas die in de new York Times een artikel schreef met de titel: Draining the life from ‘community’. Ik schreef een tweedelig E-book voor de Brabantse Netwerkbibliotheek “No copy paste” over de mogelijkheden van communities in bibliotheken. In de komende tijd wil ik het begrip  verder exploreren en naar ik hoop een dialoog starten over communities in het publieke domein.

Googelen op community levert 1.740.000.000 resultaten op. Veel whitepapers, stukken, posts,adviezen en “playboeken” die de regels en principes van het bouwen, opzetten en beheren van communities tot onderwerp hebben. Het overgrote deel daarvan is ontstaan sinds de opkomst van web 2.0, gericht op online communities (waar een offline strategie aan gekoppeld kan zijn) en is vooral het domein van marketingspecialisten. De plaatjes zijn die  van blije verbonden mensen, puzzelstukjes, samen dragen, samen doen bloeien Typische afbeelding community

Daarnaast is het een woord met een lange traditie dat de laatste jaren aan een grote maatschappelijke opmars bezig is. Ondanks de grote wetenschappelijke aandacht van vooral sociologen, politicologen, antropologen en filosofen is er geen  eenstemmigheid over de definitie.Het veld is breed; je kunt het hebben over community als theorie, community als een methode (actieonderzoek, community profielen, community studies, etnografie en sociale netwerkanalyses); community als plaats (stad- en platteland, communitas, loyaliteit) community als identiteit of community als ideologie (communitarisme). Het is een van de meest definiërende aspecten van onze tijd en de meeste mensen associëren het met warmte, vriendschap, een warme zomerdag, de sportclub, de chocomelk op de ijsbaan, mies Bouwman.

Zigmunt Bauman, grote socioloog en filosoof, wijst erop dat dit te maken heeft dat het begrip al een plaats heeft in onze “doxa”: de kennis waarmee we denken maar waar we niet over denken. De context van de opmars zou je kunnen samenvatten als het zoeken naar veiligheid in een onzekere wereld. Precies omdat de community niet langer bestaat is er een absolute noodzaak om erin te geloven.

Erwin Blom in zijn “handboek communities” zegt het simpel: “Het heeft mijns inziens geen zin om een sluitende definitie proberen te vinden. Ze helpen ons bij het praten. En volgens mij weten we allemaal dat als we het over social media en communities hebben, we duiden op de ontwikkeling dat we van publicatie naar conversatie zijn gegaan, van zenden naar gesprek. Communities en social media gaan over het (online) gesprek. De ene keer met als doel passie of kennis te delen, de andere keer een probleem op te lossen of middels cocreatie aan innovatie te doen”.