Archive for Do it differently

Nachtgast Jos de Blok

Sarah Marijnissen ging in gesprek met Jos de Blok. Het radiointerview is hier terug te luisteren. Over hem wordt gezegd dat hij de zorg, in zijn geval de thuiszorg, weer teruggeeft aan de wijkverpleegkundigen en de hulpvrager opnieuw centraal stelt. De directeur van thuiszorgorganisatie Buurtzorg ontwikkelde een model waarin geen managers en planners functioneren: het team regelt alles zelf. De formule groeit snel en uit onderzoek blijkt: op de lange termijn is Buurtzorg goedkoper. 8 jaar na oprichting is Buurtzorg Nederland marktleider in de thuiszorg met 9000 werknemers en een omzet van 280 miljoen euro. De verpleegkundigen en ziekenverzorgers werken in kleine teams van maximaal 12 mensen. Er is geen planner of manager. ‘Hoe minder je organiseert hoe beter’ is zijn motto. De thuiszorgwerkers doen alles zelf met behulp van een computerprogramma en ondersteuning van sociale media. En ze zijn 24 uur per dag beschikbaar. Jos de Blok en zijn vrouw zijn directeur en er zijn drie vaste medewerkers die de salarissen uitbetalen. Dat is alles aan organisatie.

Menselijkheid boven bureaucratie

Live gestreamd op 17 nov. 2014

Jos de Blok ontvangt de 2014 RSA Albert Medal voor zijn werk als oprichter van Buurtzorg, een transformationeel model voor ‘community health care’. Een van de meest interessante modellen voor anders organiseren dat op allerlei terreinen kan worden toegepast.

De meest aansprekende slides uit de presentatie van Jos de Blok:

Gratis geld en het pakkenproletariaat

Het begint langzaam door te dringen.  De uitzending van VPRO over gratis geld en in intermediair schets Klaas Mulder, auteur van pakkenproletariaat, het onafwendbare verval van de witteboordensector. “Stel dat we iedereen in Nederland een basisinkomen geven, zonder voorwaarden. Klinkt te mooi om waar te zijn? Als we weten dat een deel van de bestaande banen gaat verdwijnen door robotisering en algoritmes, en dat het huidige stelsel van uitkeringen- en toeslagen te complex en beschuldigend en fraudegevoelig is, is het dan niet tenminste het onderzoeken waard? ” VPRO vindt van wel. Wat zou er gebeuren als we de bevindingen van dit Mincome project doortrekken naar Nederland anno 2014? Samen met econoom Marcel Canoy, voormalig adviseur van Barroso, wordt het project Mincome doorgetrokken en berekent Tegenlicht wat invoering zou kosten: is het haalbaar en betaalbaar? En ze nemen een kijkje bij de Vereniging Basisinkomen, waar twee generaties elkaar vinden in de eerste kiemen van wat onze sociale toekomst zou kunnen worden.

Filosoof Klaas Mulder (auteur van het Pakkenproletariaat, stelt in intermediair dat we geen andere keuze hebben dan het anders verdelen van de laatste banen. Met weinig, maar zinvol werk is er ruim voldoende welvaart en welzijn voor iedereen. Lees ook: De blog Lezers van stavast

Vrijwilligerswerk bij Smithsonian

Mijn oog viel deze morgen op een artikel in the New York Times- Artsbeat: ‘Smithsonian Turning to the Public to Help Transcibe Documents’. Ze hebben een online transcription center geopend waarbij het publiek om hulp wordt gevraagd bij het ontcijferen van duizenden gedigitaliseerde documenten die niet makkelijk door een computer kunnen worden gelezen. En ze melden zich aan die vrijwilligers, met honderden. Het Smithsonian Institute is wereld’s grootste museum en onderzoekscomplex. Een blik op hun vrijwilligerspagina waar ze de soorten werkzaamheden verdelen in microscoop, telescoop and caleidoscoop, laat zien hoeveel werk door vrijwilligers wordt gedaan. Het herinnerde me aan het verhaal van Jarnon Lanier waar ik over blogde op mijn site: ‘Amazon, Lanier en het einde van de boekenbusiness’. Is dit werk of vrijwilligerswerk? Is goed vastgelegd dat het werk gedaan door duizenden vrijwilligers ook vrij toegankelijk blijft voor het publiek. Gaan er straks niet weer enkelen profiteren van dit vele werk?

User:Noclip – Wikipedia:Image:Smithsonian_Building.jpg – released to public domain

Mijn beste zelf

De laatste tijd zit ik veel in de tuin te werken. Een dwingende vraag die in de tuin opkomt is dat wat ik doe het waard om te worden gedaan? Hé jij daar, wat doe jij in de korte tijd die je is gegund? Verantwoord je!  ‘Ik doe mijn best’ is het antwoord dat in me opkomt. En ik werk stug verder, me worstelend door de emails, het werk, en opgaven die ik mezelf stel en de omgeving van me vraagt. Toen las ik een stukje van Eric Vloeimans.

Eric Vloeimans is een van de beste trompettisten in Nederland, Europa…. Hij studeerde af in Rotterdam en studeerde in New York met  Donald Byrd en in de bigbands van grote namen in de jazz, Frank Foster en Mercer Ellington. In 2001 kreeg hij de VPRO/Boy Edgar Prijs. In 2002 won hij een Bird Award en in 2011 werd hij onderscheiden met de Gouden Notekraker.  Hij durft, die Erik Vloeimans. Hij durft beproefde concepten te verlaten, hij durft monumentaal én intiem te zijn, hij durft te gaan voor complexe eenvoud en kwetsbare vernieuwing.Hij zet het niet op de gevel en niet in een beleidsplan. Hij doet het gewoon.

En wat zegt hij nu in Happinez? Hij zegt dat hij het hard werken vind om zijn beste zelf te zijn. “Om jezelf te kennen en te weten wat je echt wilt moet je in spirituele zin goed voor jezelf zorgen: jezelf kennen, je eigen zwarte kanten opzoeken, laagjes afpellen”. In muziek, zo zegt hij, is hij zijn beste zelf.

Is dat niet mijn, onze eerste opgave? Zoeken naar ons beste zelf?

 

 

 

 

Vrijwilligers disruptie en tegenprestatie

De discussies laaien ook vandaag weer op. De aanleiding in dit geval de vakbonden die balen. De kop in NRC: 

“Vakbond baalt van opmars vrijwillige buschauffeurs

Ik volgde de discussie op radio 1 vanochtend. De interviewer riep op een gegeven moment vertwijfeld: “ja maar de lijn is toch onrendabel?” En daarmee kom je natuurlijk in het hart van de discussie.

1. Van welke diensten vinden we met z’n allen dat ze rendabel moeten zijn; van welke dat ze onrendabel mogen zijn? Waarom zouden we bijvoorbeeld nog steeds- verhoudingsgewijs goed betaalde ambtenaren hebben in gesubsidieerde gebouwen- voor publieksdiensten voor de parkeervergunningen, de paspoorten, het verstrekken en controleren van uitkeringen. Ziekenhuizen, maatschappelijk werk, jeugdzorg?

2. En meer discussies die allemaal met elkaar te maken: het ontslag van veel verzorgenden bij thuiszorg, de concurrentie van bijvoorbeeld Uber en Air-BNB, die goedkoop kunnen werken en particulieren inschakelen.

3. De discussies over de verplichte tegenprestaties, de ‘ontvrijwilliging’ van vrijwilligerswerk. Want is niet alle gesubsidieerde arbeid dan een tegenprestatie? (basisinkomen?!). Talloze onderscheiden die gemaakt worden: formeel en informeel vrijwilligerswerk, verplicht en vrijwillig vrijwilligerswerk, arbeid en vrijwilligerswerk, mantelzorg(verplichting) en is het opvoeden van kinderen dan ook een tegenprestatie? De discussies over vrijwilligerswerk in de WW. Het hele systeem overigens dat nog gebaseerd is op een oudere tijd.

4. De discussies over de verspilling van 6,3 miljard in arbeidsbemiddeling zoals haarfijn beschreven door Rutger Bregman in de Correspondent:’ het failliet van de Nederlandse werklozenindustrie‘.

5. En wat te doen met de oudere werkloze (55plus) die nog 12 jaar moet werken en het groeiend leger van actieve, vitale 65/66 plussers die leven in een tijd waarin we technisch inmiddels 120 kunnen worden? En wat te doen met de onervaren jongeren die niet aan de slag komen, regulier werk als stagiaire moeten doen (en niet één keer). 

Natuurlijk het komt goed maar we zitten wel in een vreemde tussentijd.

De correspondent en de vliegtuigcrash MH17

Op 18 maart 2013 mocht Rob Wijnberg, oud-hoofdredacteur van nrc.next, zijn plannen onthullen bij De Wereld Draait Door. Er meldden zich snel meer dan 15.000 leden; de benodigde 900.000 euro was binnen. Vanaf 30 september 2013 verschenen de eerste artikelen. Het werd een internationaal voorbeeld. De Amerikaanse hoogleraar journalistiek Jay Rosen noemde het „de interessantste journalistieke start-up van 2013”. De correspondent overtreft steeds opnieuw mijn verwachtingen o.a. omdat het relevante vragen en overwegingen zet bij de waan van de dag. Rutger Bregman en Rob Wijnberg beschrijven prachtig mijn vage ongemakkelijke gevoel bij de berichtgeving over de vliegtuigcrash.

Rutger Bregman’s conclusie in ‘Treuren om de doden die op ons lijken :”Dit is de rangorde: familie, vrienden, collega’s, kennissen, landgenoten, westerlingen en dan pas de wereldbewoners ver weg, wiens taal we niet spreken en wiens leven we niet begrijpen. Het is niet iets om je schuldig over te voelen. Het maakt ons tot mens. We zijn geen machines voor wie ieder leven evenveel waard is. We maken onderscheid, geven betekenis en hechten ons aan wie naast ons staat. Het enige wat we misschien nog moeten leren is dit: die vreemde, daar in het puin van Gaza, in de fabrieken van Bangladesh of in de martelkamers van ISIS, lijkt meer op ons dan we zouden denken. Als we de vreemdeling leren kennen, zou hij misschien wel onze vriend of vriendin, geliefde of echtgenoot kunnen worden. En we zijn nu al met hem verbonden: wat wij doen in de supermarkt of aan de Zuidas heeft directe gevolgen voor hem, daar ver weg. En vice versa. Als de aanslag op vlucht MH17 iets duidelijk maakt, dan is het dat hún strijd, de oorlog in Oekraïne, ook de onze is. Wie het kleine wil beschermen, zal de oogkleppen voor het grote moeten afdoen.”

Afbeelding uit de Correspondent

Rob Wijnberg’s essentie in ‘de ongemakkelijke nationalisering van een catastrofe‘:”Maar hoe begrijpelijk ook, toch voel ik me al dagen ongemakkelijk bij de nationalisering van deze catastrofe. Het is ongemak dat ik ook onmiddellijk voelde toen ik de Franse minister van Buitenlandse Zaken Laurent Fabius direct na de aanslag hoorde zeggen: ‘Er waren heel veel passagiers aan boord. Helaas ook Fransen.’ Het deed me denken aan Rorty’s filosofische meesterwerk Contingentie, ironie en solidariteit. De titel vat in drie woorden de hoofdvraag van het boek samen: als onze moraal afhangt van de toevalligheid en particulariteit van onze sociale verbanden (contingentie), en we zijn ons bewust van die toevalligheid en particulariteit (ironie), hoe kunnen we dan ooit streven naar rechtvaardigheid in de universele zin des woords (solidariteit)? Zijn antwoord: door onze verbeeldingskracht in te zetten om onze medemenselijkheid te vergroten.”

Just do it differently

Just DO it… differently!
“But this is the way EVERYONE does it!”
“But this is the way it’s ALWAYS been done!”
“But this it the RIGHT way to do it!”
“But this is the ONLY way to do it!”
“But this is the BEST way to do it!”
???????????????????????????????????????????
REALLY?

Er bestaat een beroemd citaat dat meestal aan Einstein wordt toegeschreven, aan Rita Mae Brown en ook wel Benjamin Franklin en Mark Twain. Het lijkt erop dat Rita Mae Brown (in “Sudden death”) de eerste was die het op papier zette :”insanity is doing the same thing over and over again but expecting different results.” Volgens diverse bronnen parafraseerde zij een quote van de Basistekst van Narcotics Anonymous (1981)”Insanity is repeating the same mistakes and expecting different results.”Er is kritiek op het clichématig gebruik en vermijdend en verkeerd gebruik. Maar onsdanks onze behoefte aan de comfortzone blijven we wel dromen en ons identiferen met dat wijzelf het ‘anders’ doen. En de lijsten op internet circuleren: 18 dingen die creatieve mensen anders doen; 7, 10, 22 of 12 dingen die gelukkige mensen anders doen. Het begint wat te tanen maar we waren dol op de andersdenkende steve Jobs en de campagne ‘Think different’

“Here’s to the crazy ones. The misfits. The rebels. The troublemakers. The round pegs in the square holes. The ones who see things differently. They’re not fond of rules. And they have no respect for the status quo. You can quote them, disagree with them, glorify or vilify them. But the only thing you can’t do is ignore them. Because they change things. They invent. They imagine. They heal. They explore. They create. They inspire. They push the human race forward. Maybe they have to be crazy. How else can you stare at an empty canvas and see a work of art? Or sit in silence and hear a song that’s never been written? Or gaze at a red planet and see a laboratory on wheels? We make tools for these kinds of people. While some see them as the crazy ones, we see genius. Because the people who are crazy enough to think they can change the world, are the ones who do”.

 

 

 

Het nieuwe organiseren en Gore

Voor wie zich in de wereld van het nieuwe organiseren beweegt zijn er voorbeelden genoeg te vinden.

  •  Op de site van Lenette Schuijt “Wat bezielt ons” actueel nieuws en voorbeelden over verandering en het nieuwe organiseren: wetenschap,zorg, bedrijfsleven, onderwijs, overheid en media.
  • Nieuworganiseren.nu is een online magazine over innovatieve vormen van organiseren. Het gaat over organisaties met een menselijke maat, waarin vakmensen en uitvoerders weer de boventoon voeren en waar ruimte is voor eigen initiatief. De initiatiefnemers van deze site menen dat de tijd rijp is voor deze nieuwe organisatievormen, omdat de hiërarchische, op het Taylorisme geschoeide organisaties tegen hun grenzen aan lopen
  •  DeLimes Organisaties sterker en mooier maken, in zowel non-profit als profit, is het doel. Grensoverstijgend organiseren markeert de aanpak en route.
  • Innovatief organiseren een platform voor slimmer werken en sociale innovatie.
  • Management Innovation eXchange: it’s time to reinvent management

Een van de meest intrigerende voorbeelden van nieuw organiseren is Gore. Gore, dat we allemaal kennen van de Gore-tex waterafstotende producten. Het is maar een klein deel van de multi-biljoen dollar gigant, met 8000 associates in 45 “plants” wereldwijd. Interessant is het interview van Gary Hamel met Teri Kelly, de gekozen CEO van Gore.

De organisatie is een netwerk of een “lattice” (rasterwerk), zoals Kelly (lees meer over Kelly) het noemt. Er zijn geen functieomschrijvingen. en klassieke afdelingen. Teri Kelly: “We have a lot of people in responsible positions in the organization, but the whole notion of a title puts you in a box, and worse, it puts you in a position where you can assume you have authority to command others in the organization. So we resist this“. Het bedrijf heeft een platte teamgerichte organisatiestructuur. Er  is geen klassiek organogram en er zijn vaste communicatielijnen. Iedereen communiceert rechtstreeks met elkaar. Teams worden organisch gevormd rondom een uitdaging. De autoriteit om projecten te starten krijg je op basis van je vaardigheid om respect en waardering van je collega’s te verwerven. De betrokkenen bij een project zijn ook degenen die er besluiten over nemen. Er zijn geen leidinggevenden. Leiders komen bovendrijven doordat ze een specifieke vaardigheid of expertise tonen waarmee bedrijfsdoelen gerealiseerd worden.

 

 

Buurtzorg en het leiderloze werken

Geen managers, geen functioneringsgesprekken, geen minutieuze opknipping van handelingen en toch of juist zorg zoals zorg bedoeld is.

buurtzorg nederland

Jos de Blok richtte in 2006 Buurtzorg Nederland op. Als verpleegkundige en later manager bij een thuiszorgorganisatie was hij de schaalvergroting, de groeiende bureaucratie en de nadruk op kostenbesparingen beu. Geïnspireerd door het oude kruiswerk (Groene Kruis-  Witte Kruis) wilde hij de professionals hun vak teruggeven met wijkgerichte, sobere organisaties zonder veel overheadkosten.  Zelfsturende teams  van maximaal tien tot twaalf verpleegkundigen en verzorgenden gaan aan de slag in een dorp of buurt. Het team regelt alles zelf: de werving van en de zorg  voor de cliënten, maar ook kantoor, roosters, het aannemen van nieuwe collega’s, contacten en overleg met ziekenhuis en huisarts. Het leiderloze werken doet denken aan Ricardo SemlerFinext en Valve.

ricardo semler

In 2012 won Buurtzorg Nederland voor de 2e keer op rij de prijs voor Beste werkgever van Nederland in de categorie voor organisaties met meer dan 1000 medewerkers. Dat jaar zijn de scores nog hoger dan vorig jaar. De algemene tevredenheid is gewaardeerd met een 9,0 en de betrokkenheid met een 9,7. Medewerkers geven aan dat door de zelfsturende teams zij hun vak (weer) kunnen uitoefenen en de cliënten de beste zorg bieden. Door de collegiale samenwerking met professionele collega’s worden de beste oplossingen bedacht. Er was veel scepsis maar Buurtzorg is in ijltempo een van de grootste en zeker de meest succesvolle thuiszorgorganisatie in Nederland geworden met 6300 thuiszorgers en 700 huishoudelijke hulpen en (50% van de wijkverpleegkundigen in het land). Ook financieel gaat het erg goed.  De winstmarge van 7,1 procent doet de resultaten van collega-organisaties als Sensire (omzet ruim 171 miljoen, winstmarge 0.3 procent) en Cordaan (omzet 323, winstmarge 0.8) verbleken. De vergelijking is overigens niet helemaal terecht omdat Sensire en Cordaan ook verpleeghuiszorg bieden.

Dat succes wordt na Zweden, Japan en belgië nu geïntroduceerd in de Verenigde staten.  In de VS is mede door Obamacare behoefte aan communitymodellen, zoals buurtzorg. De start van Buurtzorg USA is het gevolg van de nauwe banden met de School of Nursing van de University of Minnesota. Het eerste wijkteam is dan ook gestart in Stillwater, Minnesota. Inmiddels heeft zorgorganisatie en -verzekeraar Kaiser Permanente, met 9.1 miljoen cliënten, al interesse getoond in de Amerikaanse versie van het Buurtzorgconcept.

Daarnaast is de wijze waarop Buurtzorg werkt en declareert radicaal anders dan die van collega-organisaties. De Blok bedong voor al zijn verpleegdiensten een vast uurtarief bij de verzekeraars ( uitzondering VGZ dat tot op heden geen zaken doet met Buurtzorg), in tegenstelling tot de gedifferentieerde tarieven die andere thuiszorgorganisaties hanteren voor verschillende diensten. Hierdoor sturen die laatsten verschillende medewerkers naar dezelfde client voor verschillende klusjes – wat de omzet geen kwaad doet.

Accountant Ernst & Young becijferde in 2009 dat als de werkwijze van Buurtzorg uitgerold zou worden over de rest van de Nederlandse thuiszorgmarkt, dit de schatkist meer dan 2 miljard euro op jaarbasis zou besparen. In een onderzoek uit 2011 concludeerde Ernst&Young dat de kosten per cliënt bij De Blok’s zelfsturende zorgbedrijf 20 tot 30 procent lager zijn dan bij collega’s in de thuiszorg.

Was het aanvankelijk een soort speldenprik, de invloed van Buurtzorg Nederland lijkt te voldoen aan de marketingwetten. Het succes van een nieuweling wordt eerst genegeerd en vervolgens gebagatelliseerd. Zie bijvoorbeeld Max Havelaar-koffie of speciale bieren. Nu Buurtzorg wel erg hard blijft groeien en veel draagvlak weet te creëren, nemen grote organisaties nemen het model over en zeggen‘dat zij eigenlijk hetzelfde doen’. En zo wordt de speldenprik langzaam een olievlek.