Menselijkheid boven bureaucratie

Live gestreamd op 17 nov. 2014

Jos de Blok ontvangt de 2014 RSA Albert Medal voor zijn werk als oprichter van Buurtzorg, een transformationeel model voor ‘community health care’. Een van de meest interessante modellen voor anders organiseren dat op allerlei terreinen kan worden toegepast.

De meest aansprekende slides uit de presentatie van Jos de Blok:

Hack de bibliotheek: laat de toekomst gaan

“De toekomst van bibliotheken wordt niet gemaakt door bibliotheken, en dat is heel goed”, zo begint David Weinberger zijn artikel “Let the future go”. David Weinberger is o.a. auteur van ‘too big to know’ directeur van het Innovatie Lab van de bibliotheek van Harvard. De toekomst, zo zegt hij, is namelijk te omvattend en te integraal om door een groep, welke dan ook, te kunnen omvatten. De strategie van het kennen van een behoefte, het maken van een tool, het gebruiken ervan totdat het niet langer nodig is, volstaat niet meer. Bibliotheken bouwen nog steeds bruikbare portalen maar volgens Weinberger kunnen deze portalen bijdragen aan de perceptie dat bibliotheken overbodig zijn. Ten eerste omdat de meeste inhoud niet op het portaal beschikbaar is en ten tweede omdat niet- bibliotheken sites vaak meer bruikbare toegang geven en “cooler” zijn. Hij maakt zich vooral zorgen over de onzichtbaarheid van bibliotheken op het web. Als iemand een boek wil linken, verkennen of meer wil weten dan gaat hij waarschijnlijk naar Bol, Amazon, Google Books, of gewoon naar Google. Deze sites leveren nu een rol binnen het web kennis ecosysteem welke bibliotheken veel beter zouden kunnen vervullen.

Ik doe de proef op de som met een boek dat ik net aan het lezen ben: “Kom hier dat ik U kus” van Griet op de Beeck. Op de eerste 10 pagina’s zoekresultaten (google) komt geen bibliotheek voor. Op pagina 12 Someren- Bibliotheek Helmond Peel. Een klik levert geen enkele relatie met het boek. Okay dat is een nieuw boek maar als ik een ouder boek neem?  ‘Tussen de raderen’ van Herman Hesse, een boek dat ooit grote indruk op me maakte, is het eerste wat me te binnen schiet. Op de eerste pagina kom ik de boekensalon van NBD Biblion tegen, een faciliterend bedrijf voor de Nederlandse bibliotheken.  Op de tweede pagina kom ik bibliotheek.nl tegen. Maar de informatie is heel summier; “Door de eerzucht en de burgerlijkheid van de volwassenen wordt een uitzonderlijk begaafde jongen de kans ontnomen geestelijk en lichamelijk uit te groeien”. De hints zijn niet erg behulpzaam en het klikken op Hesse levert alleen een verwijzing naar een andere pagina binnen de site die andere boeken van Hesse oplevert.

Weinberger  vindt het een tragedie dat bibliotheken nauwelijks zichtbaar zijn. Wat bibliothecarissen weten over boeken is een belangrijke culturele bron die we eigenlijk niet zouden moeten willen verliezen. Daarom is het nodig is dat bibliotheken daar zijn waar ideeën en kennis opkomen, bediscussieerd en verwerkt worden. Overal waar discussie is zouden bibliotheken bij kunnen dragen en kunnen linken. Maar dat is onwaarschijnlijk. Our job, then, is not to invent the future of libraries, it is to enable others to do so.

De beste manier om dit te doen is om het innovators mogelijk te maken om bibliotheekkennis te integreren is door toegang te bieden tot wat bibliotheken weten. Om het makkelijk te maken voor ontwikkelaars om toepassingen te schrijven die bibliotheekkennis te integreren in hun innovaties. In het kort bibliotheken interoperabel maken met het web. Weinberger noemt drie manieren:

  1. API’s (Application Programming Interface). Ten eerste door het bouwen van platformen die bibliotheekkennis beschikbaar maken voor applicaties die er iets interessants mee willen doen wat betekent dat er API’s worden gemaakt. The Digital Public Library of America heeft al haar metadata op deze manier beschikbaar gemaakt. De Koninklijke Bibliotheek (KB) stelt ook een grote hoeveelheid  http://www.kb.nl/banners-apis-en-meer/dataservices-apis Digitale afbeeldingen, metadata en teksten ter beschikking via een API op basis van SRU of OAI-PMH
  2. Linked Data Ten tweede ‘Linked Data’ kunnen helpen om de toekomst van bibliotheken te openen door ‘clouds of linked data’ beschikbaar te maken waar data van verschillende domeinen kunnen worden samengetrokken. Linked Open Data is een methode om data online te publiceren, op zo’n manier dat ze verbonden kunnen worden met data van andere instellingen. Deze verbindingen verrijken de data, en maken ze beter vindbaar en bruikbaar in allerlei applicaties voor bijvoorbeeld wetenschap, onderwijs en toerisme. – See more at:  http://digitalecollectie.nl/technische-ondersteuning/linked-open-data Lees het interview met de onderzoekers van KB op de The European Library website
  3. The Library Graph ten derde is een ambitieus project dat bibliotheken wereldwijd gezamenlijk zouden kunnen ondernemen. Vergelijkbaar met Facebook’s Graph and Google’s Knowledge Graph welke eenheden (‘nodes’) met andere eenheden associeeren; waarbij er relaties ‘edges’ worden gelegd.

Maakt niet uit of dit goede of slechte ideeën zijn; belangrijk is dat bibliotheken zichtbaar worden op het internet en onderdeel worden van een genetwerkte infrastructuur van kennis en ideeën en niet door een centrum van het universum-positie te claimen. “For this, libraries do not have to invent their own future. But we do have to create an environment in which the rest of the world can make everything out of libraries that can be imagined”.

#SuperSoulSunday

Gisteren gekeken naar ‘Super Soul Sunday‘; een interview van Oprah Winfrey met Pema Chödrön. Een van de bekendste leraren in de Tibetaanse Vajrayana traditie van Chögyam Trungpa Rinpoche. ze probeert de oosterse kennis aansprekelijk te maken voor de westerse wereld en schreef vele boeken die vrijwel allemaal in het Nederlands vertaald zijn. Bekende boeken zijn: ‘Als je wereld instort’, ‘Bevrijd jezelf van angsten en oude gewoonten’ en ‘waar je bang voor bent’.

In het interview praten Oprah en Pema over haar leven; haar boeken en lessen. Maar vooral over shenpa. Eerst stond het volledige interview online maar nu is het in kleine stukjes gehakt.  Hieronder Pema over haar morgen ritueel.

Wanneer we shenpa ervaren verstrikken we ons steeds verder in een gedachte of concept tot we eraan vastzitten. De gehechtheid aan de gedachte verlamt ons en verhindert om gebeurtenissen te zien in een context die verschilt van onze kijk op de dingen. We zijn dan niet in staat om werkelijk te openen en creativiteit te laten stromen. Als je geïnvesteerd hebt in zekerheid en veiligheid dan zit je op de verkeerde planeet.

De lessen van Pema:

  1. Remove yourself from the situation; go for a walk. Give yourself some space, go to the library or to a park were nobody will bother you (although with libraries we are not so sure anaymore I think);
  2. Be alone with the feeling of being hooked, lonely, frustrated, angry;
  3. (meditation) Notice your thoughts and notice what you are saying to yourself. Mostly it is all about selfhatred, selfdegeneration or it is striking out to blame other;.
  4. Notice your thinking and come back to being present. To the immediacy. Bring yourself to present moment. Feel the chair, the warmth of a teacup;
  5. When you really connect to the undisered feelings it transforms you and you come to the thought that people are basically good;
  6. There is never anything nothing. When you lose your job; life is pointing you to another direction. It is an opportunity for the new. It is t.he moment to go to this stuck patterns;
  7. The thought that you messed up is the ego and ego is the main attachment in our life, the main shenpa. The way to go is to make friends with it and know it 100% completely. That’s how you   become more egoless. Grasping is ego because we feel we have something to protect;
  8. If people can hold, embrace or allow the uncomfortable- insecurity-discontent- there is a chance of letting the evolution happen. There is always a forward. Spirituality is to go on a boat; you don’t see the shore but you sail and don’t know if you are  ever coming back.

Een echt gesprek

Soms wordt je verrast. Ik kreeg van een dierbaar iemand een link naar ‘Boscast‘; naar een interview met theatermaakster en actrice Julika Marijn. Wat een mooi en inspirerend gesprek. De adem, rust, de diepte,  de herinnering aan Etty Hillesum, het luisteren, de vragen, de echtheid.

bosomroep interview

Julika Marijn maakte al een aantal theatervoorstellingen over de binnenwereld van Etty Hillesum. De vrouw die terwijl het antisemitische geweld steeds groter werd en het leven van joden met de dag moeilijker, schrijft over het ideaal van geweldloosheid. Zelfs geconfronteerd met de nazi’s zegt zij dat er “geen atoompje haat aan de wereld mag worden toegevoegd”.

Sarah Marijnissen spreekt met haar over Etty’s (en Julika’s eigen) zoektocht naar de grondmelodie van het leven, een beweging van hoofd naar hart; over het belang van ‘verdriet onderdak verschaffen’ en over ‘vrije ruimte van de ziel’, die alles menselijk maakt. Julika Marijn schreef samen met Ton Jorna het boek Altijd Etty

 

De toekomst van 3D printing

Een aantal jaren geleden had niemand er nog van gehoord nu is 3D printen gemeengoed geworden. Wallmarkt heeft hem, bibliotheken hebben hem en om met je tijd mee te gaan zou jij hem ook moeten hebben volgens 3dprinterkopentips. De meest bekende ontroerende verhalen gaan over protheses, de meest controversiële over wapens. Maar in de eindeloze stroom gaat het ook over  huizen (10 in een dag), vliegtuigen, auto’s (de strati van Local Motors in 44 uur), voedsel. Ja eigenlijk alles, behalve geld.

Mooi verhaal van Avi Reichental, de huidige CEO van 3D systems op TED. Voor hem is 3d printen de wereld van eindeloze mogelijkheden. En heel persoonlijk: “honoring the past while manufacturing the future”.

Maar we zijn al weer stappen verder. 4 D printen. Hierbij wordt een 3D printer gebruikt om zichzelf configurerend, programmeerbaar materiaal te produceren dat zichzelf intelligent arrangeert in wat je maar wil (self-assembly). Skylar Tibbits, een MIT onderzoeker heeft al diverse protypen ontwikkeld.

Is de deeleconomie een valse belofte?

Vorige week gaf ik een workshop (gratis) voor de social innovationweek en woensdag volgde ik er een (gratis) bij Soundful Ondernemen. Zondagavond keek ik naar “Gratis geld” VPRO tegenlicht. Eerder kreeg ik al de Intermediair (gratis) in mijn Inbox. Een interview met Klaas Mulder, de auteur van het pakkenproletariaat. Gisteren stond ik bij de Hema in een hele lang rij voor de kassa. Ik kon alleen maar denken: ‘Ja mensen zijn duur’. De Hema draait verlies, 16,4 miljoen in 2013. En dat lijkt dan nog weinig vergeleken met allerlei andere giganten. De Groene deze week opent confronterend: “De deeleconomie is een valse belofte”. Het plaatje erbij is zo mogelijk nog confronterender.


Wie het kapitalisme wil aanklagen, zo zegt auteur Casper Thomas in de Groene grijpt terug naar stereotypen uit de negentiende eeuw. Maar het is fuzzy geworden. De echt tomeloos rijken lijken soms onze nieuwe guru’s die ons lessen komen geven over liefde, verbinding en overvloed. De lessen van Bill Gates, Warren Buffett, Richard Branson (al helemaal onbegrijpelijk). En ja delen is het nieuwe hebben. Geen Hilton, maar Airbnb.  Casper Thomas concludeert dat de deeleconomie er in werkelijkheid voor zorgt dat wij allemaal ondernemer MOETEN worden, op zoek naar winst, verkoop en bang voor een slechte reputatie. “Er wordt inderdaad een nieuwe gemeenschap gecreëerd, maar wel een die van commerciële verhoudingen aan elkaar hangt. In plaats van mensen te vrijwaren van de markt trekt de deeleconomie zo veel mogelijk mensen en zo veel mogelijk onderdelen van het dagelijks leven de zone van het economisch denken in”. Mij brengt het aan het twijfelen. Er ontstaan veel mooie nieuwe initiatieven en net zo veel worden er gekaapt door grote bedrijven. En ja, natuurlijk komt het goed; is het al goed. Maar het is voor velen wel een lastige tijd. Zoeken naar een nieuwe balans en intussen proberen te overleven als zelfstandige ondernemer.


Nieuwzoet, Simek en de kosten-baten analyse

Sinds vorig jaar na een presentatie  van NieuwZoet, bij – toen nog- Polare, krijg ik iedere dag fantastische boekfragmenten (blind auditions) in mijn email. Na de eerste presentatie  van NieuwZoet  meldden zich binnen 48 uur de eerste duizend geïnteresseerden aan die toegang kregen tot de bètaversie. Onze feedback wordt gebruikt bij de voltooiing van het zoek-platform, die voor komende zomer gepland staat.

Presentatie nieuw zoet bij Polare

Ik kreeg gisteren een prachtig fragment van Martin Simek uit bloedsinaasappels te lezen:

“Het is in het voorgebergte van de Pyreneeën dat we een pezige oude boer op zijn akker zien ploeteren. Hij wroet druivenranken uit de grond die nog ouder zijn dan hijzelf. Een voor een steekt hij ze met een schoffel uit de rotsachtige bodem. Een beestachtig zware arbeid als je het goed wilt doen, zodat de druiven niet in wilde vorm oneindig terug blijven komen, legt hij ons uit. En hij wil het goed doen omdat hij op dit stuk grond nieuwe druiven gaat planten.

De oude man veegt het zweet van zijn gezicht, dat net zo diep gegroefd is als zijn akker. Of hij geen zoons heeft die hem een handje kunnen helpen, vraag ik. Had ik het maar niet gedaan. Zijn lieve glimlach maakt plaats voor weemoed. Eén zoon is in de oorlog gesneuveld, de andere kieperde met de tractor om, daar, een stukje verderop, en werd vermorzeld. Nee, de oude boer heeft niemand meer. Zelfs geen neven of nichten.

Ik begin liever maar weer over de wijngaard. Hoe lang gaat het duren voor de nieuwe druivenranken de oude in productie zullen evenaren? ‘Een jaar of zes,’ zegt de boer. Ik sla aan het rekenen. De man is tachtig, weten wij inmiddels, plus zes. Loont het? Is het de moeite waard?

Mijn kosten-batenanalyse is de oude man vreemd.

‘Toen ik een klein jongetje was,’ wijst hij, ‘was dit al een wijngaard. En nu is de tijd gekomen om hem te vernieuwen. Ik ben God dankbaar dat ik nog net de kracht heb om het te doen.’

Ik word rood van schaamte.”

Bloedsinaasappels

 

De oorspronkelijke zonde van internet

Hendrik Goltzius' "The Fall of Man" (1616) (Wikimedia Commons)Hendrik Goltzius’ “The Fall of Man” (1616) (Wikimedia Commons)

Gisteren verscheen er een mooi artikel  van Ethan Zuckerman in the atlantic:’The Internet’s original sin’. Waar ging het zo mis met dat beloftevolle vrije internet? Toen adverteren (en de daarbij horende onvermijdelijke surveillance) het enige businessmodel van internet werd en bleef. Sinds Zuckerman Maciej Cegłowski’s speech hoorde op de ‘Beyond Tellerrand web design conference’ is hij ervan overtuigd: Adverteren is ‘internet’s original sin’. Het heeft geleid tot wat Al Gore een ‘stalkereconomie’ noemde. We worden agressiever als ooit gevolgd en het ‘do not track me’ betekent niet meer als ‘track me in secret’. De speech van Maciej heeft een mooi beeld:

Kinderen centraal?

Copyright www.flickr.com/photos/castgen/7731448428/ CC

Je hoort  en ziet het overal, op de gevels, in beleidsplannen, in interviews: ‘het kind centraal’. Maar betekent dat ook dat  we in onze samenleving het kind centraal stellen? Meestal niet. We gaan steeds weer voorbij aan hoe kinderen ontdekken en leren. We labelen tot in het oneindige en vergeten daarbij dat heel veel buitengewone presteerders nu wellicht het label autistisch, dyslectisch of ADD/ADHD zouden krijgen. Er circuleren talloze lijstjes op internet en ik heb de links als voorbeeld genomen. Peter Paul Doodkorte schreef er onlangs indringend over in zijn blog ‘Het etiket van beerput op rozenwater’. Een heel mooi voorbeeld blijft natuurlijk ook de labeling van ADHD zoals geschetst in de beroemde talk van Ken robinson.

Een TED talk in 2006 lanceerde de ideeën van Sir Ken Robinson bij een groot publiek.  Hij sprak over creativiteit in scholen en vond bij een breed publiek gehoor. Tot nu toe werd de lezing meer dan 27 miljoen keer bekeken en de animatie ervan is misschien nog wel aangenamer. Robinson beargumenteert dat het moderne onderwijs een product is van de industrialisatie; het voorbereiden van kinderen en jongeren op een leven van arbeid in een fabriek/kantoor.  Maar zegt hij, als we innovatie en creativiteit zo belangrijk vinden waarom wordt het dan niet onderwezen?

Voor onderwijsinspiratoren verwijs ik naar de inspiratiepagina op mijn site.

Mijn beste zelf

De laatste tijd zit ik veel in de tuin te werken. Een dwingende vraag die in de tuin opkomt is dat wat ik doe het waard om te worden gedaan? Hé jij daar, wat doe jij in de korte tijd die je is gegund? Verantwoord je!  ‘Ik doe mijn best’ is het antwoord dat in me opkomt. En ik werk stug verder, me worstelend door de emails, het werk, en opgaven die ik mezelf stel en de omgeving van me vraagt. Toen las ik een stukje van Eric Vloeimans.

Eric Vloeimans is een van de beste trompettisten in Nederland, Europa…. Hij studeerde af in Rotterdam en studeerde in New York met  Donald Byrd en in de bigbands van grote namen in de jazz, Frank Foster en Mercer Ellington. In 2001 kreeg hij de VPRO/Boy Edgar Prijs. In 2002 won hij een Bird Award en in 2011 werd hij onderscheiden met de Gouden Notekraker.  Hij durft, die Erik Vloeimans. Hij durft beproefde concepten te verlaten, hij durft monumentaal én intiem te zijn, hij durft te gaan voor complexe eenvoud en kwetsbare vernieuwing.Hij zet het niet op de gevel en niet in een beleidsplan. Hij doet het gewoon.

En wat zegt hij nu in Happinez? Hij zegt dat hij het hard werken vind om zijn beste zelf te zijn. “Om jezelf te kennen en te weten wat je echt wilt moet je in spirituele zin goed voor jezelf zorgen: jezelf kennen, je eigen zwarte kanten opzoeken, laagjes afpellen”. In muziek, zo zegt hij, is hij zijn beste zelf.

Is dat niet mijn, onze eerste opgave? Zoeken naar ons beste zelf?